Nothing Personal

Nothing Personal is het debuut van de Pools-Nederlandse regisseuse Urszula Antoniak en won vier prijzen op het filmfestival van Locarno. Daarna won de film ook nog eens vier gouden kalveren in de categorieën beste lange speelfilm, regie, sound design (Jan Schermer) en camera (Daniël Bouquet) op het Nederlands Film Festival.

De jury omschreef Nothing Personal als „een speelfilm die van begin tot eind wist te boeien en te ontroeren, en die een verpletterende indruk achterliet”. Regisseur Antoniak had spanning en humor perfect in balans gebracht; ze verstond „de kunst niet alles uit te willen leggen” en toonde het „artistieke lef zaken weg te laten”. (NRC 2 oktober 2009)

Ik ernaar toe, dus. En laat ik zeggen dat ik het iets teveel lof voor deze film vind. Ronduit prachtig vind ik de scene, bijna aan het slot, waar uiteindelijk de poster van gemaakt is. Die poster, ontwerp van Joost Hiensch & Susanne Keilhack / Shosho, is trouwens ook genomineerd voor de negende cinema.nl afficheprijs. Het decor is ook schitterend, de film is voor het grootste deel geschoten in Galway, Ierland. En het openingslied uit Schubert’s “Winterreise” speelt als een leidmotief door de film heen – dan moet je wel van beton zijn om niet geraakt te worden. Maar verder vind ik het toch allemaal wat gezocht.
Anne (Lotte Verbeek) is door haar stukgelopen huwelijk ernstig beschadigd geraakt en besluit in Ierland rond te gaan zwerven om haar verleden achter zich te laten. Naar mijn idee duurt die inleiding veel te lang; na haar te zien tobben met liften, eten uit een afvalbak en een tentje op en af breken in de permanent aanhoudende regen, stuit ze bij toeval op het huisje van de weduwnaar Martin (Stephen Rea), die het leven van een kluizenaar lijkt te leiden. Hij biedt haar eten en onderdak aan in ruil voor werken in de tuin. Anne’s voorwaarde: geen persoonlijke vragen.
Zoals te verwachten zie je ze langzaamaan naar elkaar toegroeien, tot er een soort verstandshuwelijk ontstaat. Er komt een moment dat Anne niet meer buiten eet, maar bij Martin aan tafel, ze gaat zelfs voor hem koken en hij geeft haar een walkman – zo’n ding uit de prehistorische tijd waar je cassettebandjes in kunt afspelen – met operamuziek. Ze maken ook grapjes tegen elkaar, maar “het” komt er niet van; “talent weet wanneer het moet ophouden”, zoals Antoniak Martin laat zeggen. Nou ja, dat is natuurlijk een keuze die de grens trekt tussen Feelgood en Arthouse en des te mooier is dan ook de scene die ik eerder al noemde – de scene na Martin’s dood als Anne naakt tegen zijn in een laken gewikkelde dode lichaam aan kruipt. Maar het hele gegeven is verder nogal ongeloofwaardig – wat zal Martin bewogen hebben sympathie op te vatten voor de aanvankelijk tamelijk hysterische Anne? Wat het verhaal is dat Antoniak heeft willen vertellen is me niet duidelijk geworden, maar daar hebben we het dan maar verder niet over. Een mooi plaatje heeft het in ieder geval opgeleverd.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *