Kerkenpad

Mijn vakantie zit er weer bijna op en wat heb ik mijn tijd nuttig besteed om eens wat fraaie kerken uit het Europees cultureel erfgoed te bekijken. Een beetje vreemd voor iemand die zo’n vierentwintig jaar geleden afstand genomen heeft van alles betreffende geloofszaken, maar net zoals ik nog steeds graag een mooi stukje kerkmuziek hoor, mag ik ook graag een fraai gebouwde kerk binnenlopen.
Het eerste deel van mijn vakantie zat ik in een fraai aangelegd Center Parcs bij het Lac de L’Ailette in Noordoost Frankrijk. Ik heb altijd een beetje een hekel aan Center Parcs, omdat die parken zo zijn aangelegd dat je kinderen geen zin meer hebben om ervan af te gaan. Met de kathedraal van Reims op zo’n 50 km afstand en de kathedraal van Laon nauwelijks tien km bij ons vandaan werd ik daar erg onrustig van; ik begreep al dat Amiens (zo’n dikke honderd km weg, had ik ook willen bezoeken vanwege het Jules Verne-museum) en Beauvais van het verlanglijstje geschrapt moesten worden, of minstens op het lijstje “Someday, Maybe” bijgeschreven.

Met de oude Prisma pocket “De kunst van de gotiek” van Hans Jantzen, dat ik lang geleden al eens gelezen had, bereidde ik mij voor om de godshuizen met kennersblik te kunnen observeren. Eerst maar naar Reims, naar de “Cathédrale Notre-Dame”.

Deze 38 meter hoge kerk is gebouwd in 1211, althans toen is men er naar het ontwerp van Jean d’Orbais aan gaan bouwen. Tot 1825 werden hier alle Franse koningen gekroond, zoals bijvoorbeeld in 1429 toen Jeanne d’Arc aanwezig was bij de kroning van Karel VII.
Helaas behoeft zo’n kerk permanent groot onderhoud, dus ook toen ik er was stond een groot deel van de westzijde in de steigers:

en sommige beelden zijn zo aangetast door het weer, dat zij vervangen worden door copieën:

Door de werkzaamheden stond de deur wijd open, waardoor er van het enigszins blauwgetinte licht, dat volgens Jantzen dankzij de gebrandschilderde ramen heel bijzonder moet zijn (ik dacht bij het lezen hierover aan Goethes “Gedichte sind gemalte Fensterscheiben“), niet veel te merken was: het was gewoon daglicht.
Het bijzondere van de kathedraal is natuurlijk dat de portalen vol beelden en gebrandschilderde ramen eigenlijk zijn als een encyclopedie boordevol informatie over heiligenlevens en heilsgeschiedenis. Ook de drie ramen die in 1971 door Marc Chagall zijn ontworpen passen hierin, al is de vormgeving natuurlijk 20ste eeuws:

Overwegend blauwe kleuren; links de boom van Jesse, in het midden Abraham en Christus en rechts de moderne voortzetting van de boom van Jesse: een kort overzicht van de Franse koningen, vanaf de doop van Clovis; de rol van David en Salomon voortzettend: wijs en rechtvaardig.
De kathedraal van Laon, ook gewijd aan Notre Dame, wilde ik ook graag zien. Het middeleeuwse Laon ligt bovenop een berg – “La Montagne Couronnée” – en de kathedraal zie je al vanuit de verte liggen. Ik ken Laon vooral omdat het beroemd is vanwege het Graduale Laon 239, geschreven rond 930 in de omgeving van de stad en zeer belangrijk voor de meest recente inzichten met betrekking tot de ritmische aspecten van het gregoriaans. De kerk, voltooid in 1235, mag er zijn qua uiterlijk:

maar ook van binnen ziet de kerk er prachtig uit, met een rustgevende soberheid:

Het roosvenster aan de noordzijde heeft de middeleeuwse totaliteit van het menselijk weten, de 7 vrije kunsten, afgebeeld, merkwaardigerwijze in Laon met een achtste uitgebreid: medicijnen. Als je tenminste het centrum: de filosofie, niet meetelt:

Volledig bevredigd keerde ik na mijn week Frankrijk huiswaarts, waar ik één dag de tijd had mijn spullen te pakken voor mijn reis naar Sicilië. Ik heb daar natuurlijk geprobeerd zoveel mogelijk in het spoor van Goethe’s Italiaanse reis te gaan, maar Sicilië heeft ook nogal wat Griekse tempels, waarover niet hier en nu (en misschien helemaal niet en nergens: tijd is prioriteit) en uiteraard de nodige kerken te bezoeken. Al is er nauwelijks gotiek op Sicilië, want dat is nu eenmaal geen typisch Italiaans verschijnsel: volgens de humanisten van de Renaissance betekende gotiek iets als “barbaars”, afkomstig van alles “ultramontani”, maw: de Vandalen, de Hunnen, de Longobarden en de Goten. Toch was er een behoorlijk kerkenpad te lopen, te beginnen in Erice:

Dit oude stadje met een driehoekige plattegrond heeft zoveel kerken op een kleine oppervlakte, dat je je afvraagt hoeveel gelovigen je nodig hebt om die op zondagmorgen allemaal enigszins gevuld te krijgen. De meeste kerken – zoals de Chiesa Matrice, gewijd aan Maria Hemelvaart – vroegen entree en nou ben ik een nogal krenterig type, dus daar ben ik niet in geweest. Wel in de kerk San Cataldo (nr 11 op het kaartje), die kennelijk nog in gebruik is:

Onder het zij-altaar, gewijd aan de H. Familie, stonden een Djembé en een CD-speler, in de doos. Een merkwaardige dissonant in zo’n verder prachtige kerk, maar het geeft tenminste het gevoel dat de kerk nog dienst doet, en dat is ook wat waard.
Het was nog even zoeken naar de Porta Spada (een verwijzing naar de Siciliaanse Vespers van 1282), omdat daar in de buurt zich de Chiesa Sant’Orsola bevindt, waar de 18e eeuwse mysteriën – beelden die op Goede Vrijdag in processie worden rondgedragen. Daar had ik eventueel wel wat geld voor over gehad, maar die kerk was gesloten.

Enige dagen later – ik had wat tijd verdaan met een Griekse tempel in Segesta en gewoon aan het strand van San Vito lo Capo in de zon gelegen (het was tenslotte vakantie) – kwam ik in Caltabellotta. Dit plaatsje is vooral beroemd vanwege de Vrede van Caltabellotta, getekend in 1302 tussen Karel I van Valois en Frederik II van Aragon, die de onafhankelijkheid van Sicilië bekrachtigde. Een interessant en rustig stadje; nauwelijks lastig gevallen door toeristen. Op het centrale plein staat de 16e eeuwse kerk Santa Maria di Monte Carmelo. Bij binnenkomst viel mijn oog onmiddelijk op de schildering boven het hoofdaltaar:

een redelijk exacte copie van het beroemde schilderij uit 1498 van Leonardo da Vinci:

Helaas lukte het mij niet met mijn eenvoudige camera een redelijk heldere opname van deze schildering te maken. 🙁

De volgende interessante plaats was Noto. Deze stad is bij de aardbeving van 1693 min of meer volledig verwoest en is in de 18e eeuw opgebouwd in barokstijl. Imponerend is de aan San Nicolò gewijde kathedraal, waarvan de koepel in 1996 is ingestort.

De herstelwerkzaamheden – uitgevoerd met steun van de UNESCO, dat Noto heeft uitgeroepen tot werelderfgoed – zijn bijna klaar.

Erg fraai in deze kerk vond ik de vier beelden die de vier kardinale deugden representeren:

Prudenza – wijsheid Giustitia – rechtvaardigheid
Fortezza – moed Temperanza – gematigdheid

De laatste dag van mijn Sicilië-reis was voor Palermo. Ik had maar weinig tijd hier, omdat ik er eigenlijk alleen heen moest om de boot te halen die mij naar Genua terug zou brengen. Bovendien is het verkeer in Palermo een hel, dus er moest vooral gelopen worden en voor zover ik er kon autorijden moest het stapvoets.
De kathedraal is gebouwd tussen 1179 en 1185 en van oorsprong Catalaans gotisch. Te groot om in één keer op de foto te zetten:

Het interieur viel me een klein beetje tegen:

maar dat werd later op de dag ruimschoots goedgemaakt toen ik even buiten Palermo de schitterende Dom van Monreale kon bewonderen. Deze kerk is in 1172 gesticht door de Normandische vorst Willem II (1153 – 1189); voor de kerk staat een standbeeld van hem, met in zijn hand een schaalmodel van Monreale, die hij aan God presenteert:

De hele kerk is versierd met Byzantijns aandoende mozaïeken waarvoor zo’n 2.200 kg goud nodig was, die passages uit het Oude Testament verbeelden.

En, in de centrale absis, de Pantocrator, de “Alheerser”, dominerend aangebracht:

In tien jaar tijd gebouwd, en dat allemaal alleen voor het prestige: Willem bouwde de kerk om politiek tegenwicht te bieden aan Walter of the Mill, de Engelse aartsbisschop van Palermo, die zowel geestelijke als politieke macht had. Je zou willen dat er tegenwoordig nog wat eerzucht was: het kan leiden tot grootse prestaties als ze tenminste niet uit afgunst besluiten de boel bij elkaar kapot te schieten.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *