Dirty Dancing – the Musical

Meer is niet altijd beter. Dat geldt zeker voor de musical in Nederland. Musicals zijn zo populair en er valt voor de producenten zoveel geld te verdienen dat het onmogelijk is voldoende nieuwe originele musicals te schrijven. Dus worden er boeken en films tot musical omgebouwd, met wisselend succes.

Terwijl “Les Miserables” – wat mij betreft de oorzaak van de musicalgekte in Nederland – opnieuw op het repertoire is genomen is nu “Dirty Dancing” – de bekende film uit 1987 – omgebouwd tot musical door Eleanor Bergstein, die ook het originele filmverhaal schreef, gebaseerd op haar eigen vakanties met haar ouders in een natuurpark in de zomer van 1963. Als musical vond de premiere plaats in Sydney op 18 november 2004, en nu heeft Joop van den Ende Theaterproducties het stuk in het Utrechtse Beatrix Theater.

De musicalbewerking is geschreven door Eleanor Bergstein en is een vorm van muziektheater die het Nederlandse publiek nog niet eerder heeft gezien. Het is een overweldigende muziek- en dansshow door de hele reeks opwindende dansscènes en ruim 50 hits uit de jaren ’60 en ’80. De toeschouwer waant zich hierbij de Kellerman’s Vakantieclub. Van: Dansinfo.net.

Er wordt absoluut goed in gedanst, maar als het om een dansmusical gaat geef ik toch de voorkeur aan “Chorus Line”, waarin de dansen veel spannender zijn, want dat miste ik toch wel bij “Dirty Dancing”, ook in de film overigens – echt “dirty” wordt het nergens. Bovendien heeft “Chorus Line” in ieder geval nog een groot aantal originele en vooral “pakkende” songs. De grote hits uit de film Dirty Dancing, “I’ve had the time of my life”, “Hungry eyes” en “Love is strange” zijn in de musical te horen, maar “She’s Like The Wind” is slechts in een instrumentale reminiscentie even aanwezig. Verder moeten we het vooral doen met hits uit de jaren ’60 en ’80. Goed uitgevoerd, evenals het dansen en, vooral, de techniek die verbijsterend is. Het podium verandert voortdurend van functie, decors en requisieten komen uit de grond omhoog en verdwijnen om zo trouw mogelijk het effect van verschillende shots en locaties in de film na te volgen. Dat daarbij het verhaal, voor zover je daarvan mag spreken, in een akelig hoog tempo erdoorheen gejakkerd wordt moeten we maar voor lief nemen. Ondanks al dit theatrale vuurwerk verlang iknog wel eens terug naar de goeie ouwe tijd, toen een musical nog een toneelstuk was met hier en daar wat catchy songs, uitgevoerd door goede acteurs die konden zingen, in plaats van door dansers, die soms kunnen zingen, maar zelden kunnen acteren.
Zo vraag ik mij af voor wie in het publiek de scene waarin de ober Robbie (die Penny zwanger heeft gemaakt) het boek “The Fountainhead” aan Baby/Frances geeft betekenis heeft. In de film was deze scene voor niet-Amerikanen al nauwelijks te begrijpen, in de musical had dit er beter uit gelaten kunnen worden om ruimte te scheppen andere zaken beter uit te diepen. Vooral in het tweede bedrijf werd er weer veel te lang doorgezaagd over de truttigheid van de gasten van Kellerman – hier had het stuk ongetwijfeld aan spanning kunnen winnen door effectief met het rode potlood om te gaan.

Uiteindelijk is het hele stuk eigenlijk gewoon één grote opmaat is tot de laatste scene: het lied “I’ve Had The Time of my Life”. Goed gezongen en gedanst door Martin van Bentem (Johnny Castle), Jette Carolijn van den Berg (Baby Houseman), hoewel het natuurlijk een inkoppertje was: het publiek begon al te klappen toen de eerste tonen klonken. De rest van de cast van 39 mensen, bestond onder andere uit Chris Tates (Jake Houseman) en Anouk van Nes (Marjorie Houseman).

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *