Tag Archives: Books

Knielen op een bed violen

Ook ik mag mij nu scharen onder de vele Nederlandse lezers die “Knielen op een bed violen” heeft gelezen, het boek van Jan Siebelink dat dit jaar de AKO-literatuurprijs won. Knielen op een bed violen is een hartverscheurende roman over godsdienstwaanzin en vaderlandsliefde. Hoofdpersoon Hans Sivier is ervan overtuigd dat hij tijdens een visioen in direct contact met God heeft gestaan. Niet bij machte zijn schaamteloos van zijn goedheid misbruik makende broeders de deur te wijzen verliest hij alle controle over zijn leven.

De tegenstelling tussen de spirituele hysterie en de afstotelijke aantrekking door de colporterende broeders, tussen de verzaking van de wereld en de zinnelijke geuren en kleuren van de bloemen is fascinerend.http://boeken.vpro.nl/boeken/24490648/

Op de achterflap van het boek staat een fragment uit een brief van Siebelink aan zijn uitgever:

‘Ik ben altijd bang geweest om het complete verhaal te vertellen: het geleidelijke maar onstuitbare afglijden van een zachtaardig maar in zijn jeugd verwond man – vluchtend in het zwartste calvinisme – én het verdriet dat hij in zijn naaste omgeving veroorzaakt. Het is ook het verhaal van een grote liefde. Een man en een vrouw: de een wil overleven in het hiernamaals, de ander in het nu.’

Ik heb er met een verscheurd gevoel doorheen gelezen; het boek is zo goed geschreven dat je van de ene naar de andere pagina gesleurd wordt. Tegelijkertijd vond ik het verhaal vreselijk; de hoofdpersoon mist de ruggegraat om Jozef Mieras en zijn zwarte kliek uit zijn leven te bannen, zelfs als ze hier onbeschaamd misbruik van maken. Het is tenenkrommend om te moeten lezen hoe de ene na de andere ramp zich voltrekt. Jan Siebelink zou met dit boek een monument voor zijn vader hebben willen neerzetten. Ik kan voor die vader weinig respect opbrengen: het beeld dat van vader geschetst wordt is niet zozeer die van een godsdienstwaanzinnige, maar meer iemand die te slap is om mensen die zijn leven aantoonbaar verwoesten uit zijn leven te bannen. Zijn vrouw Margje probeert nog het beste ervan te maken; zo loopt ze een keer van huis (om na twee weken weer terug te komen) en ze weet uiteindelijk de zondagse huisdiensten te verbieden. Dat komt haar duur te staan: als de hoofdpersoon op sterven ligt, moet zij toestaan hoe de broeders de meest vreselijke gebeden over hem uitspreken en zelf mag ze er – als “ongelovige” – niet meer bij. Dit is het meest hartverscheurende van het boek. Wim Vogel van het Haarlems Dagblad vindt het boek daarmee een monument voor Siebelinks moeder. Ook daar kan ik me niet in vinden; ze had wel wat daadkrachtiger mogen optreden, want tegen dit soort waanzin kan maar een remedie bestaan: uitbannen en in ieder geval niet toestaan dat het jouw leven en dat van je kinderen gaat beheersen. Natuurlijk speelt hier de tijdgeest een rol; je verliet niet zomaar je man en je gezin. Ik denk dat de persoon die het meest respect verdient Ruben is, de oudste zoon en eigenlijk Jan Siebelink zelf. Met alles wat hij als jongen en later jong volwassene in zich heeft probeert hij de boel bij elkaar te houden, zijn vader te steunen, zijn moeder te troosten en zijn jongere broertje voor definitief afglijden te behoeden.

Julian Barnes: "Arthur and George"

Vlak voor kerstmis kreeg ik het boek “Arthur and George” van Julian Barnes uit. Het boek gaat over een periode uit het leven van Arthur Conan Doyle, de schrijver van de beroemde Sherlock Holmesverhalen. Conan Doyle was op het hoogtepunt van zijn roem en midden in een persoonlijke crisis, toen hij een verzoek kreeg van George Edalji om hem te helpen gerehabilliteerd te worden. George, zelf jurist, had ten onrechte drie jaar in de gevangenis gezeten, beschuldigd van de moord op dieren in zijn woonplaats Staffordshire. Het boek bestaat uit drie delen; in het eerste deel schildert hij in korte hoofdstukken alternerend de jeugd van Artur en George; beide jongens groeien onder totaal verschillende omstandigheden op. De hoofdstukken heten afwisselend “Arthur” en “George” . Uiteindelijk lezen we hoe langzaamaan George steeds meer verdacht wordt dader te zijn van een reeks moorden op vee, of op zijn minst lid te zijn van een groep misdadigers die verantwoordelijk is voor het mutileren van vee; de “Great Wyrley gang”. In het tweede deel worstelt Arthur met zijn geweten als zijn vrouw Touie ernstig ziek wordt (waar hij bovendien als arts – Conan Doyle was oogarts – niet alert op was) en er een ander in zijn leven komt. Naar de zeden van het Edwardiaanse tijdperk wordt hun liefde niet geconsumeerd, maar als Touie na 15 jaar overlijdt durft hij het uit angst voor de openbare mening niet aan om met zijn grote liefde, Jean Leckie, in de openbaarheid te treden. Terwijl hij heen en weer geslingerd wordt tussen schuldgevoel tegenover Touie en plichtsgevoel tegenover Jean – zij heeft al die tijd op hem gewacht – komt het verzoek van George. Arthur kan nu de praktijken van zijn held Sherlock Holmes zelf toepassen. Het laatste – korte – deel van het boek beschrijft de periode na de dood van Conan Doyle. Het is algemeen bekend dat Conan Doyle zich bezighield met spiritisme. Na zijn dood vindt er een séance plaats met een medium, die probeert contact te maken met Conan Doyle. George staat hier sceptisch tegenover maar lijkt toch even onder de indruk te komen. Het is grappig deze scene enigszins doet denken aan Char

Yes, she says her name is June – and she is looking for – R, yes R – is it Richard?

Het boek is eigenlijk geen roman, maar een geromantiseerde navertelling van een historische gebeurtenis. Ruim een maand over gelezen. Ten dele door drukte, maar ook omdat het boek nu eenmaal langzaam leest. Niet erg, want het is een prachtig boek, dat bovendien in een schitterende band is uitgegeven. Andrew Crum, de recensent van de Scotsman schrijft erover

This is a slow-burning book; one that gradually enfolds the reader in a rich sense of period and place. Barnes knows all about narrative tricks, but there are no fireworks here. Instead he gives us a most wonderful log fire: something for us to curl up comfortably beside and admire, long into the night. 

 

 

 

 

 

 

recensies:

 

Goede leesvoornemens

Als nabeschouwing op wat er het afgelopen jaar allemaal aan leesbaars is verschenen, gaf de NRC gisteren een prachtig overzicht van de favoriete titels door haar vaste medewerkets. Altijd leuk om eens te kijken wat er nog op mijn eigen wensenlijstje staat. De volgende boeken staan in de NRC genoemd en op mijn eigen lijst:

  • Jan Siebelink: Knielen op een bed violen. (2 x genoemd)
  • Michel Houellebecq: De mogelijkheid van een eiland
  • Stefan Brijs: De engelenmaker
  • Halldór Laxness: De klok van IJsland
  • John H. Richardson: My father the spy. An investigative memoir
  • Elisabeth Young-Bruehl: Hannah Arendt, een biografie.
  • Ian McEwan: Zaterdag.
  • L.N. Tolstoi: Oorlog en vrede.
  • Michael Cunningham: Stralende dagen, (2x genoemd)
  • Ivan Gontsjarov: Het ravijn.
  • Amos Oz: Een verhaal van liefde en duisternis (2x genoemd)

Dat is nogal wat. 🙂

Ook Simon Singh: De oerknal stond op de NRC lijst. Zou ik zelf niet op zijn gekomen, maar ga ik toch maar eens lezen. De volgende titels staan wel op mijn lijst, niet van de NRC:

  • Kazuo Ishiguro Never Let Me Go
  • Nick Hornby: A long way down
  • Salman Rushdie: Shalimar the Clown

Ik kan niet wachten tot het nieuwejaar begonnenis, kan ik eindelijk mijn goede voornemens gaan uitvoeren. 🙂

 

John Banville – The Sea

Na mijn overload aan sciencefiction (Fire Upon The Deep, Neuromancer) nu weer eens een “gewoon” boek. Heb mij laten leiden door de Man Bookerprize 2005 en koos daarmee voor John Banville’s “The Sea”. Het boek beschrijft vooral de terugblik van kunsthistoricus Max Morden, die ongeveer een jaar geleden zijn vrouw Anna aan kanker heeft verloren. Max probeert dit verlies te verwerken en tegelijkertijd de balans van zijn leven op te maken, wat hem ertoe brengt terug te gaan naar Ballymore. Vanuit deze Ierse kustplaats blikt hij terug op zijn kindertijd waar hij kennismaakte met de familie Grace, die door hem worden beschouwd als “Goden”. Vooral de moeder uit de familie, Connie, en de dochter, Chloe, maken diepe indruk op hem. Het huis “The Cedars”, waar de Graces woonden en waar Max nu logeert, is nu eigendom van Rose Vasavour, het voormalige kindermeisje van de familie. Van dit feit worden we overigens pas op de laatste bladzijden van het boek op nogal gekunstelde wijze op de hoogte gebracht. Heden en verleden worden door elkaar heen geweven in dit verhaal, dat wat mij betreft vooral een prachtige sfeer schildert. Niet alle recensenten zijn het met mij eens:

Banville has a talent for sensuous phrasing, and pungent observation of human frailty, but in other areas important for fiction, plot, character, pacing, suspense. The Sea is a crashing disappointment.

Dat zou ik zo niet willen zeggen; maar of het nu die geweldige prijs waard is…..

 

 

 

Mijn leestafeltje op 7 juli 2005

In der Beschränkung zeigt sich nicht der Meister. Wie zei dat ook al weer? Doet er niet toe; ik lees vrolijk wat er in mijn handen komt. Het vaste menu is: een roman (meestal scifi), iets filosofisch of politiekerigs, iets populair wetenschappelijks en iets op mijn vakgebied, muziek dus. Thans:

  • Vernor Vinge: A Fire Upon The Deep.
  • Oswald Spengler: Untergang des Abendlandes
  • J.W. von Goethe: Italiaanse reis Mosco Carner: Puccini (biografie)