Tag Archives: opera

Albert Lortzing in Detmold

Het is de regelmatige lezer van mijn webschrijfsels waarschijnlijk wel duidelijk dat ik een ongelooflijke fan ben van Albert Lortzing, de Duitse operacomponist waarvan we hier in Nederland alleen “Zar und Zimmermann” schijnen te kennen (omdat de plaats van handeling Zaandam is), maar die nog zoveel meer moois geschreven heeft.

Behalve mijn grote, Engelstalige, Albert Lortzingwebsite, waarop vooral biografische details staan, heb ik ook nog een Nederlandstalige website “De Opera’s van Albert Lortzing“, waar op ik al een tijdje vruchteloos probeer Lortzing’s opera’s één voor één te bespreken, MIDI-files te plaatsen en complete libretti te publiceren. Maar ja, tijd is prioriteit, dus voorlopig staan er alleen Theaterzettel en rolverdelingen op. Dan nog mijn hopeloos verwaarloosde project “Biedermeier en muziek“, waarop ik Lortzing als componist van het Biedermeier onderzoek – of in ieder geval wil onderzoeken. Een mailinglist, waar ik als moderator vooral spam mag verwijderen completeert de boel.

Afgelopen weekend zat ik in Detmold voor een ledenvergadering van de Albert-Lortzing Gesellschaft. Daarin zijn alle 64 Lortzing fans wereldwijd, behalve ondergetekende allen Duitsers, verzameld.

Detmold

(…)eine schöne Stadt, die weit mehr Dreck als Häuser hat. (brief Lortzing aan zijn ouders dd 5 november 1826)

is de stad waar Lortzing van 1826 to 1833 als acteur werkte in het Hertogelijk Hoftheater olv A. Pichler. De ongelofelijke hoeveelheid toneelwerken die Lorzing hier moest spelen is goed gedocumenteerd door de musicoloog Willie Schramm. Als componist maakte Lortzing in deze tijd alleen wat vingeroefeningen, kleine werken vooral gebaseerd op het bewerken van muziek van andere componisten en zijn theatermuziek bij J.Chr. Grabbes “Don Juan und Faust“. Detmold is een lieflijk plaatsje, waar alles goed te belopen is en waar mijn auto voor € 5,60 het hele weekend in de parkeergarage in het historische centrum heeft mogen staan. Kom daar hier nog eens om!

Er zijn verschillende monumenten die nog aan Lortzing’s aanwezigheid herinneren, o.a. twee huizen, een Denkmal, tegenover het inmiddels herbouwde Hoftheater, daar een brand in 1912 het oorspronkelijke theater verwoest heeft en, natuurlijk, een Lortzingstraße, zoals iedere zichzelf respecterende stad in Duitsland er één heeft.

Maar goed, ik draaf door over zaken die hier niet thuis horen. Ik heb namelijk twee uitvoeringen van Lortzing-opera’s meegemaakt, waarover ik hier graag iets wil meedelen.

Vrijdag 22 juni was de meest bijzondere: een papiertheatervoorstelling van Regina – Lortzing’s Vrijheidsopera, of, zoals hij ook vaak genoemd wordt: Revolutionsoper. Lortzing schreef dit werk tijdens de Maartrevolutie van 1848 (het officiele einde van het Biedermeier-tijdperk) in Wenen. Aangezien de revolutie ten einde was (en daarmee de censuur weer ingevoerd), voor de opera voltooid was kreeg Lortzing het werk nooit bij leven uitgevoerd. Vele kenners vinden Regina Lortzing’s absolute meesterwerk; zelf denk ik dat Lortzing met Regina iets te ambitieus was: zijn sterke kant was nu eenmaal de komische opera. Hoe het ook zij: een interessant werk is het zeker. Het wordt alleen hoogst zelden uitgevoerd.

Het was daarom absoluut een gouden greep van het bestuur van de Albert Lortzing Gesellschaft e.V. om Peter Schauerte-Lüke te vragen zijn Papiertheater-voorstelling van Regina in de Detmolder Hochschule für Musik nog eens te komen uitvoeren.

Een papiertheater is een soort poppenkast, maar dan met papieren modellen. Er zijn meerdere papiertheaters werkzaam in Europa, en zelfs in Nederland, maar het Burgtheater van Peter Schauerte-Lüke is de enige die opera’s doet. Dhr. Schauert-Lüke deed alles alleen, het bewegen van de modellen, het verzorgen van de stemmen, hij zong alle partijen, slechts begeleid door een van te voren ingespeelde pianopartij, die hij vanaf een laptop tot klinken liet komen. Zelfs de koren zong hij in zijn eentje – en, zoals hij na afloop vertelde, dat schijnt zo te horen bij het papiertheater. Interessant was dat hij ook de persoon van Lortzing opvoerde en met hem een gesprek voerde over de receptie van Regina.

 

Al met al een gedurfde onderneming, waarvoor de kritiek op de kwaliteit van de zang en vooral op de maatvastheid van de uitvoering graag plaats maakt, ook al omdat uitvoeringen van Regina schaars zijn. Voor mij persoonlijk was het een eerste kennismaking met het fenomeen papiertheater.

Voor zaterdag 23 juni stond “Der Waffenschmied” op het programma.

 

Heerlijke muziek in een werkelijk prachtig theater. Ik zag er in het Lortzing-jaar 2001 de “Zar und Zimmermann” in een erg leuke enscenering. Ik keek dus erg naar deze voorstelling uit, maar kreeg de kous op de kop. Als Lortzing-Gesellschaft kregen we eerder op de dag al een kijkje achter de schermen, verzorgd door dramaturge Elisabeth Wirtz. Het werd me daar al duidelijk dat regisseur Marcus Everding het stuk gewoon als een burgerlijke komedie geïnterpreteerd had en daarmee komen zelfs de Duitsers anno 2007 niet meer weg.

Daarbij gerekend dat de solisten in Nederland blij zouden mogen zijn in het koor aan het werk te mogen komen, en dat het het koor maar niet lukte om met ca 10 man min of meer gelijktijdig een hamer op een aambeeld in de vorm van een reusachtig zwaard te laten neerkomen, maakte dat de voorstelling nogal amateuristisch overkwam. Jammer, want Lortzing schrijft zulke prachtige muziek, maar hij heeft de geest van de tijd niet mee. De man verdient goede uitvoeringen, alleen de muziek van Bach is zo sterk dat hij zelfs op een mondharmonika nog overeind kan blijven.

Markus Gruber als Georg wist als enige met zijn komisch talent zijn rol nog iets mee te geven, maar ook hij had af en toe wat moeite de hoge noten zeker te treffen.

Goed, het moet gezegd dat de plaatselijke opera in Duitsland een veel zwaardere taak heeft dan onze Nederlandse opera. Er worden veel meer stukken, en vooral, meer stukken tegelijk, op het programma gezet en er wordt niet met buitenlandse A-zangers gewerkt, maar uitsluitend uit de “eigen” cast gerecruteerd. Dat maakt een kaartje ook stukken goedkoper: ik betaalde nu voor een geweldige plaats in een sfeervol theater € 23,50, voor “Die Gezeichneten” bij De Nederlandse Opera was ik vorig maand voor een tweede rang € 63 kwijt. Dan heb je ook wat – een toporkest en topzangers – alle waar naar zijn geld.

Het zou wat zijn als De Nederlandse Opera een keertje “Regina” op het repertoire zou nemen. Met Ingo Metzmacher als dirigent (die het stuk al eens gedaan schijnt te hebben) moet dat geweldig worden. Kom meneer Audi, waag eens een gokje!