owls

warning: Creating default object from empty value in /home1/kuehlebo/public_html/georgeovermeire/modules/taxonomy/taxonomy.pages.inc on line 33.

Uilenworkshop - zonder Moonlight.

Ooit kocht ik een knuffel-uil.

Het had wat mij betreft bij die ene mogen blijven, maar de hobby - want laat ik het toegeven, dat is het inmiddels - zette zich voort zonder dat ik er iets voor hoefde te doen. Van alle kanten werden en worden mij uilen, kaarten van uilen, sleutelhangers van uilen, thee-mokken met uilen-print en wat heb je nog meer aangeboden. Mijn meest recente aanwinst is een paraplu met uilenprint.

En zo kreeg ik dit jaar van mijn dochters, uitgekeken op het kopen van wéér een boek of nóg een fles whisky, een uilenworkshop voor mijn 57-ste verjaardag cadeau. Dát is nog eens een origineel idee!

Dus op 16 oktober trok ik met Marit - die als toeschouwer en huisfotograaf meemocht - naar de Valkerij Manege in Berkel en Rodenrijs voor de "Moonlight Workshop met Uilen". Het maanlicht moesten we er zelf bij denken, want dat was er niet, maar wel mocht ik vijf verschillende uilen vasthouden. Nou ja, het zijn in het echt natuurlijk géén knuffeldieren, dus je mocht hem op de handschoen hebben en van dichtbij in de ogen kijken.

Zoals je kunt zien zat de uil vast en kon er niet veel gebeuren. Maar van zo dichtbij zie je ze normaal natuurlijk nooit en het waren vijf verschillende typen uilen, variérend van de vrij grote (en zware) Melk Oehoe (bijna twee kilo, dat lijkt niet veel, maar je mocht er een behoorlijke tijd mee staan en dan gaat-ie toch aardig doorwegen), een Europese Oehoe, een Bengaalse Oehoe, een Kerkuil tot een héél klein uiltje, de Braziliaanse Dwerguil.

Hoogtepunt van de avond was het "vliegen" met uilen.
De uil vloog van de een naar de ander, gelokt door een stukje vlees dat hij na landing op de handschoen krijgt. Bij de eerste uil (dezelfde oehoe die ik hierboven op de handschoen heb) mocht je dat zelf tussen zijn snavels duwen - dát vond ik wel spannend, altijd bang voor mijn vingers! Maar #2, de Afrikaanse Melk Oehoe - wellicht nog iets minder getraind (of te gevaarlijk, dat weet ik niet), werd gelokt met een stukje vlees ín de handschoen.

Hier zie je de foto met mij (let op de lichtgevende laarsjes; net die middag gekocht om in het drassige grasveld te kunnen staan. Flitsen terug bij fotograferen ;-) als een echte valkenier in actie:

Milky komt aanvliegen, uiteraard totaal niet in mij geïnteresseerd, maar in dat stukje vlees, dat - heb ik weer - iets te diep was weggezakt in mijn handschoen, zodat het dier nerveus met zijn snavel in mijn handschoen moest gaan zitten wroeten. "Waar is dat rotstukkie vlees nou", zal hij gedacht hebben, ondertussen hitsig met zijn vleugels in mijn gezicht slaan en driftig kopjes geven in de ruimte tussen duim en wijsvinger.

Heerlijk! Zo intiem ben ik nog nooit met een uil geweest! :-)

De valkenier die de workshop leidde bracht uitkomst en viste het vleesje uit mijn handschoen en stopte het handmatig in de bek van de uil. Die vervolgens nog lekker lang op mijn hand bleef zitten voor hij weer terugvloog naar de deelnemer aan de andere kant van het veld.

De avond was gepland tot 21.30 uur, maar voor we het wisten was het 22.00 uur. Wat een fantastische avond!

Een vals lokkertje bij de Delftse antiekbeurs: de Boudewijn Büchtentoonstelling.

Boudewijn Büch hield wel van een beetje overdrijven, schijnt het. In navolging van zijn (en mijn) held Goethe werden "Dichtung" en "Wahrheit" nogal eens vrijmoedig door elkaar gehaald. En dat is helemaal niet erg, want als je af en toe je publiek wilt laten delen in je kennis is er behalve flink wat enthousiasme soms ook wel eens dat beetje extra nodig om het drupje levertraan naar binnen te laten gaan. Ik vergaf het hem dan ook graag.

Zijn ontzettend leuke en lezenswaardige boek over Goethe, "De Goethe-industrie", waarin hij allerlei uitwassen van Goethe's populariteit in Duitsland beschrijft en zijn prachtige voorwoord bij de "Gesprekken met Eckermann" in de privé-domeinserie beschouw ikzelf als zijn fraaiste prestaties. Maar behalve door Goethe heb ik ook wel een band met Büch door zijn verzamelwoede en liefde voor boeken in het algemeen. Ik heb alleen niet zoveel met "De kleine blonde dood". En eigenlijk ook niet met Mick Jagger, maar niemand is volmaakt zullen we maar zeggen.
Dus toen ik las dat er een tentoonstelling zou worden ingericht bij de Delftse Antiekbeurs, waarin we een kijkje in de wereld van Boudewijn Büch zouden krijgen, heb ik mijn wekelijkse lesvrije donderdag, bestemd voor eigen studie en cultuur, ingeruimd om een dagje Delft te doen.

Maar liefst € 15 (en dat maal twee!) mocht ik dokken voor de entree in het Delftse Prinsenhof. We kregen een plattegrondje mee, waarop de twee kamers waarin wij zouden worden ondergedompeld in Büchs wereld - helemaal achteraan in de Antiekbeurs - aangegeven waren. De bedoeling was waarschijnlijk dat wij ons eerst door al dat antiek heen zouden ploegen, om daarna bekaf bij Büch aan te komen. Zodat we niet in de gaten zouden hebben wat, nu we, gretig naar Büchs curiosa, gelijk naar achteren doorliepen, pijnlijk duidelijk werd. Het viel ontzettend tegen. Om niet te zeggen: het was een giller. De omvang van de tentoonstelling stond in geen enkele verhouding met de aankondigingen.

Wat had ik eigenlijk verwacht? Ik weet het niet precies, maar de wervende tekst, bijvoorbeeld uit de Telegraaf van 21 september jl, klonk zo veelbelovend.

Omdat het tien jaar geleden is dat schrijver/televisiemaker Boudewijn Büch overleed, richt het Letterkundig Museum op de Oude Kunst- en Antiekbeurs Delft een tentoonstelling in met persoonlijke objecten van Büch, die niet eerder te zien zijn geweest.
Boudewijn Büch was iemand die onderwerpen naar voren bracht waar weinig mensen iets mee hadden, maar wist deze op een originele manier over het voetlicht te brengen.
Hij stimuleerde mensen te gaan lezen en prikkelde anderen te gaan verzamelen.Büch was een eigentijdse ontdekkingsreiziger en verwoed verzamelaar van kunstvoorwerpen en memorabilia. Na zijn dood liet hij een bibliotheek achter met meer dan 100.000 boeken en een huis vol met voorwerpen die hij gekocht had op zijn talloze reizen over de hele wereld. Een tentoonstelling over Büch op de antiekbeurs Delft is dan ook niet vreemd. Het is bij uitstek de plek waar liefhebbers hun eigen ontdekkingsreis beleven, op zoek naar objecten uit langvervlogen tijden.

In die laatste zin lijkt het achteraf wellicht weer ineens over de Antiekbeurs te gaan en niet over de Büchtentoonstelling.

Dus: wat had ik verwacht? Kunstvoorwerpen en memorabilia uit de collectie Büch, natuurlijk! Nou ja, dat moet je een beetje ruim nemen kennelijk. Om te beginnen: die twee ruimten op de plattegrond bleken eigenlijk maar één ruimte te zijn, en zeker kleiner dan mijn woonkamer. Bij binnenkomst vier vitrines met kaarten van de steden en eilanden waar Büch geweest moet zijn. Vier! Al die kaarten zagen er nog keurig uit, dus Büch moet ongelofelijk zuinig met die kaarten zijn geweest. Je zou bijna denken dat hij ze niet mee heeft durven nemen en heeft gebruikt op reis - en nu ik erover nadenk weet ik zelfs niet meer zeker of ze wel echt van Büch geweest zijn - het zouden zomaar kaarten geweest kunnen zijn die even snel erbij gelegd zijn.
Een vitrine met het geboortekaartje van Büch en een schoolrapportje, waaruit blijkt dat Büch geen hoogvlieger was in de wiskunde en eigenlijk ook maar matig met zijn talen was. Nou dat weten we dan ook weer.
Drie vitrines met het logo van een kennelijke sponsor erop - de naam heb ik inmiddels verdrongen - verder niets. De relatie met Büch ontging mij volledig
Twee TV-toestellen, waarop mogelijk films vertoond zouden moeten worden, maar er was slechts een testbeeld.
De typemachine van Büch en, voor het geval je dacht dat er in tien jaar na Büchs dood toch wel heel wat veranderd is of dat Büch hopeloos achter liep op de technologie van zijn tijd, een bak met floppen en CD-roms, zodat we weten dat Büch in ieder geval op het eind van zijn leven het genoegen van een computer - hoe primitief ook naar onze maatstaven - moet hebben gesmaakt.

Nog meer? Eh, ja! Een portret van Büch door Marjolein Innemée, getiteld “Boudewijn Büch, 'n Rolling Stone” uit 2007, 1 x 1 m. Het schilderij is, vrijwel direct na opening van de beurs aangekocht door de Stichting Oude Kunst- en Antiekbeurs Delft, en vervolgens geschonken aan het Letterkundig Museum in Den Haag. Van dezelfde Marjolein Innemée hing er ook een portret van Goethe uit 2011, dat 80 X 100 cm meet en € 1950 moet gaan kosten. Het lijkt verdacht veel op het bekende Goethe portret uit 1828 door Jos. Karl Stieler, dat ook op mijn Goethe-website te vinden is.

De beide schilderijen (van Innemée) heeft Büch natuurlijk nooit gezien.

Nauwelijks een spoor van Büchs beruchte rariteitenkabinet, of het moet het goed afgeschermde en donkere vitrinekastje zijn, waarin ik, reikhalzend over de afzetting, in het pikkedonker een wit miniatuurtje van - naar ik aanneem - Goethe ontwaarde. Wat er verder inlag was in het donker niet te onderscheiden en er was ook geen beschrijving beschikbaar.

Het goede nieuws is dat Büch net als ik, behalve boekenliefhebber, ook uilenliefhebber was.

Ik vergeet nog de vitrine met een aantal oude paspoorten van Büch, waarbij op een van de oudste bleek dat Boudewijn Büch als jonge vent ook sterk op Boudewijn de Groot (in ieder geval in diens provo-tijd) geleken heeft.

Na een minuut of vijf was ik eigenlijk al klaar en heb ik nog aarzelend om mij heen gekeken waar de rest was, de tweede zaal bijvoorbeeld, maar helaas, dit was het. Büch overdreef misschien wel eens, maar deze tentoonstelling is puur bedrog.

Wij hebben ons verlies genomen en hebben er verder een leuk dagje Delft van gemaakt.

Syndicate content